70% groene landingen op Brussels Airport in 2016

Dankzij een nieuw meetinstrument beschikt Belgocontrol over precieze cijfers omtrent het aantal groene landingen. In 2016 werd 70% van de landingen op Brussels Airport uitgevoerd na een continue daling en met een minimaal motorvermogen. De CDO-procedure (Continuous Descent Operations) maakt het mogelijk de geluidshinder, het kerosineverbruik en de uitstoot van broeikasgassen terug te dringen.

Vrijdag 16 juni 2017


Volgens het nieuwe meetinstrument van Belgocontrol, dat ontwikkeld werd op basis van aanbevelingen door Eurocontrol, werd 70% van de landingen op Brussels Airport in 2016 uitgevoerd volgens de CDO-procedure in de eindnaderingsfase (6.000 voet tot de landingsbaan). Die procedure die vooral de geluidsimpact van het luchtverkeer beperkt, wordt CDO Noise genoemd. 

Metingen op een hoger vliegniveau (10.000 voet) wijzen uit dat meer dan de helft van de vliegtuigen op Brussels Airport in 2016 in groene modus geland is. Die procedure, CDO Fuel genaamd, doet dan weer in grotere mate het kerosineverbruik afnemen.  


Volgens theoretische berekeningen zijn de CDO Fuel landings goed voor zowat 3.000 ton kerosinebesparing voor de luchtvaartmaatschappijen over heel het jaar 2016. Dankzij die procedure slaagden de vliegtuigen erin hun CO2-uitstoot met 10.000 ton te verminderen op Brussels Airport. Bovendien dragen de groene landingen positief bij tot het geluidsniveau. Het feit dat vliegtuigen langer op hoogte blijven vliegen met een minimaal motorvermogen, doet de geluidshinder op grondniveau met gemiddeld 2 tot 3 dB afnemen.


Eerste groene landingen op Brussels Airport in 2014 

In juni 2014 implementeerde Belgocontrol de eerste CDO-procedures op Brussels Airport, in nauwe samenwerking met Brussels Airlines, TUI fly, Thomas Cook Airlines, DHL, Singapore Airlines Cargo en Brussels Airport. Drie jaar later worden de groene landingen almaar frequenter, ondanks de complexiteit en dichtheid van het Belgische luchtruim. Tijdens de piekuren is het echter minder eenvoudig om CDO-landingen uit te voeren, door de beperkingen gelinkt aan een vlot en veilig luchtverkeer.  


Bij een CDO volgt een vliegtuig een constant dalende lijn met zo weinig mogelijk tussenhoogtes en een minimaal motorvermogen, waardoor minder brandstof verbruikt wordt en minder geluidshinder optreedt.


Tot op heden werd het aantal CDO-landingen manueel bijgehouden door de luchtverkeersleiders. Het nieuwe meetinstrument van Belgocontrol steunt op de analyse van de radargegevens en detecteert dus precies en automatisch de landingen die volgens de CDO-procedure worden uitgevoerd, waarbij het tevens mogelijk is om vliegtuigen die dat niet doen in kaart te brengen. Op termijn moet een grondige analyse van die gegevens ertoe bijdragen dat de ecologische voetafdruk van de luchtvaart nog verkleint. 


Belgocontrol heeft oog voor het milieu 

Johan Decuyper, CEO van Belgocontrol: “Belgocontrol wil zijn maatschappelijke rol ten volle vervullen. We investeren in projecten zoals CDO-procedures die erop gericht zijn onze milieuprestaties te verbeteren. Die aanpak werpt nu zijn vruchten af. We blijven onze inspanningen opvoeren in samenwerking met de andere actoren uit de luchtvaartsector. Zo vindt op de regionale luchthavens van Luik en Charleroi een testfase met CDO-procedures plaats. In 2018 en 2019 zijn de luchthavens van Antwerpen en Oostende aan de beurt.”